Ontdek Hoofddorp met theequotes

 

Op 29 september vond het evenement Ontdek Hoofddorp plaats en ik had de eer om als Polderdichter Haarlemmermeer mee te doen aan het onderdeel Theequotes schrijven. Daarnaast heb ik twee gedichten voordragen: Woordwaarde en Beeldbepalend Landschap.

Het was een succes. Om al pratende tot een quote te komen en te zien hoe vreemden, naast het ontdekken van Hoofddorp, ook elkaar ontdekten met hun prachtige, uiteenlopende verhalen.

Met dank aan de Bibliotheek Haarlemmermeer en Het Cultuurgebouw voor deze uitnodiging. En aan Watse Roorda die zo vriendelijk was de opname en bewerking van WoordWaarde te maken.

 

Advertenties

Ode aan Midden-Limburg

Eind juni verkeerde ik in de gelukkige omstandigheid een week in Midden-Limburg door te brengen. Het is daar zo prachtig, dat moest worden vastgelegd in een gedicht. Met de herfst in het vooruitzicht een fijne herinnering aan afgelopen zomer.

Afbeelding Meinweg

Ode aan Midden-Limburg

De dorpjes in Midden-Limburg
Zijn in deze hitte
Als tijdens een siësta,
Net zo slaperig.
De straten leeg,
De rolluiken naar benee.
De weg slingert
Glooiend omhoog
De zoveelste ijssalon passerend.
Bij knooppunt 80
Wordt het menens;
De Meinweg wordt
Mijn Weg en dwalend over het pad
Tintelt bij vlagen
Dennengeur als wasverzachter.
Het geknerp onder de banden
De dichte begroeiing langs het pad.
Niet eerder was Limburg
Zo spannend en adembenemend mooi.
Omgeven door vrolijke twitteraars
Van divers pluimage;
Rood, bont en geel.
Onderwijl wordt de tocht voortgezet,
Langs ruisende akkers en groene velden
Waar koortsachtig geprobeerd wordt
De aanplant te behouden,
In de brandende zon.
De scherpe bocht
Geeft oneindige vergezichten,
Rijgt oudheid en moderniteit
Naadloos aaneen
Langs de mond van de Roer
Waar het goede leven
Uitbundig op ons wacht.

Strandbal

Op de slootkant aan de bosrand ligt een blauwe strandbal.
Al twee dagen ga ik eraan voorbij.

Het slootwater is bedekt met omgemaaid en weggewaaid gras.
Eerder was hier alles droog, dor en kaalgevreten.
Twee maanden na de grijsgele steppevorming,
Staan schapen stom te grazen op de groene dijk.

Al het indrukwekkende trekt zo aan ons voorbij.
Zoals een strandbal op de slootkant aan de bosrand.

Datum

’s Zondags zaten we nog op het bankje. Op maandag was hij overleden.
Het was goed daar, met z’n tweeën. In de zon. Even geen gedoe, niks regelen. Gewoon zitten, onder het zonnescherm, glas jus d’orange erbij. Hij droeg een joggingbroek en een trui, sloffen eronder. Tot een paar maanden daarvoor was hij nog naar de sportschool gegaan. Het was belangrijk je spieren actief te houden.
Nu had ik hem aan zijn arm ondersteund zodat hij de kleine afstap bij de voordeur naar het tuinpad kon maken zonder te vallen. Hij was broos. En blij.
Omdat de achteruitgang even stilstond, die dag. Omdat het mooi weer was. Omdat we elkaar weer begrepen.
Ik heb moeite de dag te onthouden dat hij voorgoed zijn ogen sloot.
Een betekenisloze datum voor de man die zo betekenisvol is geweest.
Die zondag was zo belangrijk omdat we in het staartje van zijn leven een behoorlijk verschil van inzicht hadden, papa en ik. ‘Je moet niet zo hard zijn voor me’.
Ik was als de dood voor zijn overlijden.
Hij was het waarop ik kon bouwen; mijn medearchitect en levensontwikkelaar.
Daarom konden we het ook oneens zijn. Ook al vond hij dat verschrikkelijk.
Hij had het me zelf geleerd.
De foto’s van onze jeugd heeft mijn broer opgeslagen op een externe harde schijf, die al tweeënhalf jaar onaangeraakt in mijn computertas zit. Om te voorkomen dat de tranen die zo nu en dan (vooral nu) mythische proporties ter grootte van de welbekende zondvloed aannemen.
Ik ben nog steeds dol op hem, mijn vader. Weergaloos trots.
Geen enkele datum kan ooit zijn overlijden markeren.