Bijna….Jaareinde

Het is 27 december, nog een paar dagen en dan is 2019 voorbij.
Dat betekent ook dat het nog maar een paar dagen duurt voordat een nieuw, vers jaar van start gaat.
Al vlot nadat de eerste minuten van 2019 waren verstreken, voelde ik dat het heel anders dan 2018 zou worden. Dát was mijn jaar. Een aaneenschakeling van hoogtepunten.
Omdat de kans gering is dat het twee jaar achter elkaar geweldig is, hield ik er rekening mee dat 2019 kon tegenvallen. Verwachtingsmanagement.

Toen ik over dit jaar aan het nadenken was, kwam ‘krampachtig’ in me op. Het hele jaar in dat woord samengevat. Er gebeurde van alles en dat alles kostte veel moeite en de uitkomst viel een aantal keer flink tegen. De investering was groot, de opbrengst minimaal. Het zat erin en kwam er slechts ten dele uit.
Een verlies op persoonlijk vlak en de impact daarvan, blijf ik voor me uitschuiven zodat het nooit echt wordt en een soort status quo oplevert waarin het gebeurde nooit heeft plaatsgevonden. Gestreden strijd waar geen winnaars waren.
Verkrampt. Niks stroomde en het was hard werken iets gedaan te krijgen.

Ha, en dan 2020! Een nieuw decennium, startend met het jaar waar ik zóveel zin in heb. Het jaar waarvan ik nu al vrolijk word en in het teken lijkt te staan van zonneschijn en vreugde. Het jaar waarvan ik weet dat de start van de rest van mijn leven gaat aanvangen. Waarin bezegeling plaatsvindt van wat en wie mij het liefste is. Het jaar waarin de liefde hoogtij viert.
Het jaar waarin ik ga bouwen aan de toekomst. Waar het wél stroomt en waar de verkramping achterwege blijft. Omdat na bezinning de weg is vrijgemaakt om het allemaal iets minder serieus te nemen. Omdat ik een manier ga vinden, door die ene zin die iemand hoogstwaarschijnlijk achteloos zegt, of die ik tegenkom in een boek, waardoor het wél lukt.
Omdat ik, meer dan de afgelopen twee jaar, mezelf mag zijn zonder op zoek te gaan naar iets anders of te moeten voldoen aan prestaties die een bepaalde verwachting in zich dragen.

En ik laat me meevoeren, geen idee waar naartoe, maar ik sta ervoor open. Ik ga weer kijken en onder de indruk zijn, er komt weer inspiratie en daaruit voortvloeiend woorden, die – achter elkaar gezet, zich moeiteloos tot een zin, alinea, gedicht of tekst vormen.
Ik heb zo’n zin in 2020 dat ik het krampachtige van 2019 al bijna ben vergeten.

Bijna. Zonder voorbij te gaan aan, door nog even stil te staan bij….
En dan te beseffen dat wat ooit was, nooit meer terugkomt.

Ik wens jullie een gezond en gelukkig 2020.

Alle liefs,
Mirjam Noach ♥♥♥

Polderdichter!

Op de kortste dag van het jaar publiceer ik mijn allerlaatste gedicht als Polderdichter Haarlemmermeer 2018 – 2019. Twee jaar lang heb ik dit ambt mogen uitoefenen. Met veel plezier en naar beste vermogen heb ik er invulling aan gegeven. Iedereen die haar of zijn steentje heeft bijgedragen (posters, kaarten, het gedicht op straat, foto’s, opnames, voordrachten, interviews en persberichten): bedankt! Er heeft zich een mooie collectie aan materiaal gevormd.

Haarlemmermeer verdient een Polderdichter. Deze gemeente is er een van uitersten: geschiedenis en vooruitgang komen hier bij elkaar. Genoeg om in een gedicht te vatten.

Met liefde,
Mirjam Noach
Polderdichter Haarlemmermeer 2018 – 2019

IMG-20180131- Polderdichter

Polderdichter Haarlemmermeer

Daar stond ik,
Vol trots en ongeloof;
de eerste Polderdichter Haarlemmermeer
We gingen van start, wat een eer.
Zoveel meegemaakt, samengevat in zestien gedichten
waarmee ik Haarlemmermeer mocht verlichten.
Daar lag ik, op straat en stond ik, aan het strand
Typte ik op het groenfestival mijn vingers blauw,
schreven we theequotes samen met jou.
We vierden met elkaar
de eenwording begin dit jaar.
Meneer Hoes werd mevrouw Schuurmans
opnieuw was daar een mooie kans
om de polder te roemen –
diens schoonheid te benoemen.
Tot slot bleek het allemaal te draaien om Zij / Hij
en bleek er zomaar een periode voorbij.

Twee jaar lang
Mocht ik jullie Polderdichter zijn.
Wat was het mooi, wat was het fijn.

 
Mirjam Noach
Polderdichter Haarlemmermeer 2018 – 2019

Onwerkelijk

Hoe onwerkelijk is het, verder te gaan zonder je vrouw, je liefde.
Hoe onwerkelijk is het je moeder te moeten missen.

Wij zullen rouwen voor jullie en we prevelen woorden dat ze zoveel heeft betekend, dat we haar gaan missen, we jullie steun wensen, dat er een gat is geslagen, dat het oneerlijk is.

En jullie zullen bedeesd en beleefd ‘Dank je wel’ zeggen.
En dan begint het pas. Als je thuiskomt en de plek die zij innam daadwerkelijk leeg is.

Het is niet voor te stellen hoe dat zal zijn, omdat je het nog nooit op deze manier hebt meegemaakt.
De herinneringen die jullie zullen delen, nu en vooral later, als ze onverwacht opkomen.
Wat was ze leuk, lief, goed, mooi en kritisch en dan heb ik het nog niet eens over haar humor gehad.

Ik had jullie nog tonnen aan nieuwe herinneringen gewenst.
Omdat jullie zo goed waren samen, omdat ze zo mooi, lief, leuk en kritisch was.
Omdat we zo onwijs gelachen hebben.
Omdat ik besef hoe enorm jullie en ik haar gaan missen.

4-10 Kaarsje Paulien

34-HP-24

Nu de vakantie-uittocht is begonnen, een mijmering over de lange vakanties die wij als gezin maakten, zwervend door Europa met auto en caravan. Magische tijden waren het.

 

Op de achterbank zit een meisje
het bruine haar in twee staarten.
De omgeving trekt aan haar voorbij,
geel-bruin-beige.
Warme lucht stroomt naar binnen
via het raam op-een-kiertje.
Dromerig en soezend in de Mercedes,
met dezelfde kleur.

Kraampjes vol dieprode meloen,
lonken uitnodigend.
Een eenzame ezel
bij een verlaten, vervallen huis.
Kilometerslange luchtspiegeling,
die het droge binnenland doorkruist.
‘Het is hier zo anders dan bij ons thuis’.

Straks komen we aan in Trogir,
dan springen we duizend keer in het water
en eten we smeerworst op brood.
Zwaaien we naar de
“paradiso-paradiso” groentevrouw,
al varende naar het dorp.
34-HP-24: Europa was nooit te groot,
het was alleen maar prachtig
bij jou op de achterbank, op schoot.

Mercedes beige

Vrijheid

Dit jaar ben ik opgenomen in het officiële Dodenherdenkingsprogramma van de Gemeente Haarlemmermeer. Daar mag ik als Polderdichter mijn gedicht ‘Vrijheid’ voordragen in de Burgerzaal van het Gemeentehuis. Geschreven in 2015, tijdens de laatste keer dat ik samen met mijn dierbare vader de herdenking in Aalsmeer bijwoonde, is deze voordracht in meerdere opzichten een eerbetoon.

 

Vrijheid

Met mijn hand op zijn schouder,
kijkend naar de blauwe lucht,
dacht ik aan hen.
Oma,
en de opa,
die ik slechts uit verhalen ken.
Aan al die anderen.
‘Ik denk altijd aan ze
daarvoor hoeft het geen vier mei te zijn.’
Zegt mijn vader.

Straks zal ik dansen en zingen,
in regen, zon en storm.
Om te vieren,
dat ik kan zijn, wie ik ben.
Met mijn voorkeur,
en mijn achtergrond.
‘Ik ben me altijd bewust van mijn vrijheid,
daarvoor hoeft het geen vijf mei te zijn.’
Zeg ik mijn vader.

 

2015-09 Haarlem met papa

 

Blue Monday

Wat een ochtend! Eerst een bloedmooie wolfsmaan gezien en daarna bij het intreden van het daglicht op pad.
Het zicht is zo helder dat je bijna vergeet dat het vorige week grijs en grauw was. De bomen en het gras zijn wit van het rijp, de eenden en ganzen vinden hun zwemwater bij de afvoerbuizen in de bevroren sloot.
De weg die je dagelijks aflegt, wetend wat komen gaat na de volgende bocht, het is anders nu, rijdend door dit sprookjeslandschap.
Fietsen gaat heel licht, het voelt windstil, je hoeft nauwelijks te bewegen om snel vooruit te komen.
De eerste minuten is het even wennen als de kou aan je gezicht kleeft. Deze frisheid is bijna geestverruimend. Op straat is het opvallend stil, zodat je ongestoord kunt mijmeren terwijl je voortgaat. Zou iedereen net zo onder de indruk zijn als ik?
Bij iedere omwenteling van de trapper word ik energieker en vrolijker. Als verliefdheid. Ja! Zoiets.
In die stemming, op deze ochtend, wenste ik dat het altijd Blue Monday mocht zijn.

Geen probleem

Taal is altijd aan verandering onderhevig, en dat kan soms best lastig zijn. ‘Groter als’ en ‘hun hebben’, bijvoorbeeld. Het wordt zo vaak gezegd dat je zou kunnen denken dat het correct Nederlands is.
Of het wonderlijke: zij zit al de hele dag op haar telefoon.
Best onhandig.

Een andere taalontwikkeling die zich in korte tijd heeft ontpopt: het ‘geen probleem’ antwoord zoals in bijgaand voorbeeld:
‘Wil je mij die schaar aangeven?’
Schaar wordt aangereikt.
‘Dank je wel.’
‘Geen probleem.’

Het is fijn te weten dat het gevraagde voor diegene geen probleem is, terwijl ik steeds denk als ik dat hoor: wat is er toch gebeurd met ‘graag gedaan’?
Misschien wil je ermee duidelijk maken dat je weliswaar geen probleem had het gevraagde te doen, maar of je dat graag deed, is iets anders. En alleen ‘gedaan’ zeggen staat heel raar.
Toch denk ik dat er een andere reden voor is en dat de oorsprong van ‘geen probleem’ ligt in Amerikaanse televisie- of filmseries waarin het antwoord No problem veelvuldig voorkomt.
Series. Laten we die nu, meer dan ooit tevoren, altijd en overal kunnen kijken. Op de televisie en je telefoon.
Zelfs als je er op zit. Geen enkel probleem.